Marathon Eindhoven: nog 5 to do’s


Eindhoven 2Beste lezers,

Begin juni verkondigde ik aan de wereld wat m’n volgende marathon zou worden: de marathon van Eindhoven.

Een schema van pakweg 120 dagen kende z’n aanvang.  Uiteraard, in m’n blog hierover stak het niet op een paar zinnen en paragrafen meer of minder. En zo begonnen wij toen met een stukje research over Eindhoven, en zijn roemrijke geschiedenis. Enfin, stukje, zeg maar, een heel epistel.

Om het ordelijk te houden, begonnen wij bij het begin, dus bij de stichting van de stad Eindhoven in de 13de eeuw. Al was het toen natuurlijk nog geen stad, maar een piepklein gehucht. Als een échte ramptoerist zoomden wij vervolgens in op het Beleg van Eindhoven in 1583. En zo meanderde de blog loom en sloom door de eeuwen heen, all the way tot in 2018.

De eerwaarde lezers vroegen mij recentelijk om minder dingens te gebruiken, allez, hoe noemt het, anglicismen. Maar dat zie je van hier. Als ik het even niet goed meer weet in het Nederlands, dan maar snel in het Engels. Of in het Frans. Of in het Duits, godbetert. Deze polyglot is niet voor één gat te vangen, moet u maar denken.

Wat me opviel bij het herlezen van m’n eigen blog: destijds gebruikte ik nog geen markers. Tjonge, de arme lezers wisten dus niet eens wanneer er een stukje begon dat niet over hardlopen ging, of wanneer er een stukje eindigde dat niet over hardlopen ging, of wanneer er (eindelijk!!) een stukje over hardlopen begon. Met wat pech eindigde het geheel dan in volstrekte chaos, waar een kat haar jongen niet meer in terug vond.

Maar goed, waar waren we gebleven? Dat ik het niet meer weet, dus dan gaan we nu iets vertellen over hardlopen.

***** Hier begint het stukje over hardlopen *****

Destijds had ik vijf punten vooropgesteld. We hernemen ze even, en daarna formuleren we een nieuwe reeks van 5 TO DO’s, zaken die ons de komende twee weken nog te doen staan.

Het eerste punt van de oude TO DO’s had te maken met zelfvertrouwen. In juni schreef Benny:

“1. Je moet er meer zélf in geloven, en meer vertrouwen hebben in jezelf”

Dat was, en dat is geen eenvoudige opdracht. Integendeel. Bij tempoblokken aan marathontempo, bv. 3 blokken van 4 km, denk ik soms: “Amai, en dat moet ik dan op 14 oktober ook doen, maar dan zonder pauze tussen de blokken, en dan méér dan 10 van die blokken van 4 km”.

Waarbij ik dan wel ‘ns denk: “Pffff. Dat gaat me nooit lukken”.

Anderzijds heb ik toch wel gewerkt aan het mentale aspect van dit spelletje. En ik heb veel méér tempoblokken getraind dan bij vorige marathons. Enkele keren had ik het lastig, en lag ik hopeloos achter op schema, om dan alsnog terug te vechten, en om uiteindelijk netjes op 4:15 min/km te eindigen.

Dat gaf wel vertrouwen.

“2. De lange duurlopen trager afwerken. Hoe goed bedoeld ook, vaak doe ik die toch aan een iets te snel tempo”

Deze kan ik afvinken. Done. Met excuses voor het anglicisme, het was even sterker dan mezelf. Maar dus, de lange duurlopen heb ik aan een comfortabel tempo afgewerkt, en daarna voelde ik dat er bijna geen stijfheid was, en dat ik nadien vlot opnieuw aan de bak kon.

“3. Meer doorgedreven met tempoblokken aan MT-tempo werken” 

Done! Benny adviseerde destijd:

“De trainingen op MT-tempo zijn de key trainingen. Die kan je doen op tempo 4:15 min/km. Ongeveer tien dagen voor de marathon is 2 * 10 km ideaal, we kunnen opbouwen met dat als doel”.

Dit onderdeel van de training is goed verlopen, en daardoor heb ik de conditie voelen verbeteren, zeker in het gedeelte na de (niet al te best verlopen) halve marathon van Nieuwpoort.

“4. (Heel) af en toe eens dagen met twee trainingen inplannen. Dat deed ik een tijdje geleden in Lindau, en dat was best zwaar, maar het deed nadien enorm deugd”

Nope. Deze heb ik niet gedaan. Wegens logistieke & organisatorische problemen, heb ik wel ‘ns een training in drie stukken gelopen, maar echt twee volwaardige trainingen op één dag afwerken, dat heb ik niet gedaan.

“5. Minder wedstrijden. Een heikel punt. Want die wedstrijden, dat doe ik dus écht supergraag. Maar we gaan het aantal wedstrijden in de voorbereiding toch beperken”

Dit was zeker een pluspunt tijdens de voorbereiding: door bijna geen wedstrijden te lopen, kon ik m’n trainingen kwalitatief beter afwerken. Geen enkele noemenswaardige blessure, geen enkele training moeten skippen, geen enkele training moeten inkorten, en geen enkele keren moeten inboeten op de tempo’s.

Ook de vermindering van het aantal trainingen per week, van vijf naar vier, deed me goed. Eén dag minder inspanning, één dag meer recuperatie, dat was zeker een goede keuze.

***** Zo. En hier begint dan het stukje met 5 nieuwe to do’s, voor de komende twee weken *****

“1. Nog één zware training”

Benny schreef daarover:

“Deze week staat je zwaarste prikkel op de planning: 2 x 10 km, of 3 x 7 km, op marathontempo: naar keuze :-)”

Ik heb er eens goed over nagedacht, hoe ik die smiley ( 🙂 ) nu precies moest begrijpen. Als een warme, welgemeende & vrolijke schaterlach, of eerder als in: “Of je nu voor 2 x 10, of voor 3 x 7 kiest, dat is juist evenveel dikke miserie”. 

Enfin, deze training gaan we dus nog zo goed mogelijk proberen afwerken, met een échte Kipchoge-smile om de lippen.

“2. Nog twee weken goed op de voeding letten”

Toegegeven. Dat ging tijdens deze voorbereiding niet helemaal volgens plan. Bij Iris was de conclusie dat m’n vetpercentage wel een ietsiepietsie is gezakt, en dat de spiermassa een beetje is gestegen, maar helemaal snor zit het niet, op dit vlak. Ik pleit schuldig. Ik eet graag en veel, en af en toe wordt er iets té enthousiast gesnoept.

En na een lange duurloop durf ik wel eens te compenseren, in de zin dat ik het dubbele in m’n molen sla, van wat ik heb verbruikt. Daar kunnen we kort over zijn: niet zo heel snugger.

Maar goed. De TO DO: er zijn nu nog twee weken om verstandig en gezond te eten, en om dan tenslotte nog eens stevig te stapelen 🙂

“3. Nog één bezoek aan de kine”.

Een tijdje geleden zat m’n rechterbilspier vast. Ik kon wel blijven trainen, dus een echte blessure was het niet, maar toch, het voelde niet perfect. Na behandeling bij de kine, raakte dit kleine euvel op één sessie opgelost, en zo waren we weer vertrokken.

Deze avond ging ik op controle, en het probleem was definitief van de baan. Voor de zekerheid liet ik m’n kuitspieren eens nakijken, ik was er nu toch. Tijdens de lange duurloop zondag voelde ik daar iets vreemd. Geen blessure die me aan de kant hield, maar wel, wederom, een soort remming. De kine drukte op de gevoelige triggerpoints, en deze arme hardloper schoot bijna tegen het plafond van de pijn. Terwijl mijn pijngrens zich toch ter hoogte van de top van de Himalaya situeert, maar goed.

TO DO: volgende week nog één keertje naar de kine, voor een allerlaatste controle. Je kan dan wel dénken dat alles in orde is, maar als de kine eens op zo’n triggerpoint duwt, dan weet je wel beter!

“4. Rusten. Méér slapen.”

Dat is m’n spreekwoordelijke achillespees. Ik slaap niet graag.

Dit om de eenvoudige reden, dat ik liever wakker ben.

Als ik slaap, dan vrees ik steeds dat ik allerlei interessante zaken ga missen. In real life. Online. Op de televisie. Of elders. Maar ’s avonds laat wordt er helaas te vaak gesnoept, en zoals Iris me (nog eens opnieuw) uitlegde: juist in de piek van je schema vraag je véél van je lichaam, en moet je dus méér slapen, om goed te herstellen.

Zucht.

Dat doen we dus écht niet graag.

Enfin, we naderen het einde van dit rijtje TO DO’s.

“5. Krachttraining”

De voorbije weken had ik het gevoel dat krachttraining me goed hielp, om m’n trainingen beter af te werken.

Nochtans, héél graag doe ik dat niet. Maar als het helpt, dan moet het maar.

Eindhoven 2Zo hebben wij sinds enkele weken een nieuw marteltuig in huis. Zo’n grote paarse bal.

Ik zou zeggen, ik maak er even een foto van, en dan voeg ik de foto nog even toe aan m’n blog, ten behoeve van de iets langzamere lezer, maar eerlijk gezegd, dan komt punt 4 ernstig in het gedrang.

Nu, in ieder geval: als je met je voorarmen op die grote paarse bal gaat rusten, en je jezelf dan in plankvorm gaat strekken, dan kan je met je voorarmen proberen om cirkels te maken, op die bal.

That hurts. Met excuses voor het anglicisme, my bad.

In den beginne kon ik een à twee cirkeltjes maken, en dan donderde ik geheid van die bal. Nu gaat het al (een beetje) beter.

M’n vijfde TO DO: ook al doe ik het niet graag, de komende twee weken gaan we nog regelmatig een kwartiertje krachttraining doen. Omdat het helpt.

Voilà. M’n oude TO DO’s, m’n nieuwe TO DO’s, speciaal voor jullie, in het kort samengevat, zeer summier, en hopelijk toch nog een beetje bevattelijk.

Ziezo.

En dan gaan we nu slapen.

Met sportieve groeten, good night, en sleep well!

Peter

Advertenties

5 Comments

  1. Jij staat er een stuk beter voor dan ik. Maar ik slaap beter en meer. Ik ben een luie loper denk ik. Ik hou het meest van taperen. Die is bij mij al begonnen, maar bij jou nog niet zo te zien. Erg leuk om te lezen.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s