Hardlopen in Parijs

Beste lezers,

Dit weekend trokken Kathelijne, Quint en mezelf naar Parijs voor een flinke portie quality-time. Alvorens te vertrekken naar Brussel Midi, werden er twee stekelige vragen afgevuurd.

Ten eerste, ging de laptop mee?

“Neen hoor, een laptop en quality-time, die twee gaan niet hand in hand”, zo zei ik monter en enthousiast, en nog gauw moffelde ik m’n zwarte tas weg, want die stond eigenlijk klaar om ingeladen te worden.

De vraag “ten tweede” was een nog grotere instinker: of de loopschoenen zouden thuisblijven?

“Neen hoor, loopschoenen en quality-time, die twee gaan niet hand in hand”, zo stak ik van wal.

“Enfin, in principe, dus, want nood breekt wet, en in dit geval hebben we écht wel te maken met een geval van overmacht, Benny heeft toch wel geen twéé trainingen in m’n schema gezet, zeker. Allez, juist als wij een weekendje Parijs gepland hebben! Jammer, maar helaas, de loopschoenen zullen toch mee moeten, vrees ik”.

Enfin, in de praktijk was er ’s ochtends méér dan voldoende tijd, want onze Quint is nogal van het principe: de ochtendstond heeft goud in de mond, en aldus waren wij ’s morgens omstreeks 6u30 reeds wakker, alsmede de andere gasten in het hotel.

Dat zullen niet alle gasten even leuk gevonden hebben, maar goed, je moet maar denken: je gaat toch niet naar Parijs om tot 11u in je bed te liggen?

12km SeineDe training op zaterdag, 12 km met vijf keer 1 km versnelling verliep prima, op één klein detail na, namelijk dat ik snipverkouden was, en dat de hartslag onmiddellijk veel te hoog ging. Tijdens de tempoblokken ging de hartslag boven de 175, dat was niet de bedoeling, denk ik 🙂

Enfin, na de training trokken wij gezwind naar Montmartre, en aldus deden wij er – met voiture inclusief – meer dan 130 hoogtemeters bovenop.

Om naar de Basilique du Sacré-Cœur te gaan kijken.

Vol nostalgie dacht ik terug aan m’n apenjaren. Op achttienjarige leeftijd hadden wij reeds op de  beroemde trappen gezeten, met onze onschuldige, naïeve blik gericht op de toekomst, die wijds voor ons open lag, en dit alles, met een goedkope fles vin rouge in de jaszak.

Voor de historisch geïnteresseerde lezers, Montmartre komt wellicht van “le mont du martyr”. De onfortuinlijke martelaar was Dionysius, die in de 3de eeuw leefde, en door paus Fabianus naar Parijs werd gezonden om er de eerste Bisschop van Parijs te worden.

DionysiusDat verliep niet helemaal volgens plan.

Amper was onze vriend Dionysius begonnen met de bouw van een gammel houten kerkje, of hij werd aangevallen door heidenen.

Tesamen met zijn twee metgezellen, Eleutherius en Rusticus, werd Dionysius om het leven gebracht, en hij werd – letterlijk – een kopje kleiner gemaakt.

En nu komt het: daar was Dionysius dus niet over te spreken.

Hij was het volstrekt oneens met de plaats van zijn martelaarschap en hij pakte zijn afgehouwen hoofd op, en met zijn hoofd in zijn handen liep hij tien kilometer naar het noorden, naar de plaats waar hij wél begraven wilde worden, het huidige Saint-Denis.

Rare jongens, die martelaars.

Vandaag stond er een duurloop van 25 km op het schema. Kathelijne gaf als goede raad mee:

“Blijf langs de Seine lopen, hou de Seine aan je rechterkant, en na 12,5 km, keer je weer om, en dan hou je de Seine aan je linkerkant. Zo heb je het minste kans op malheuren“.

30km duurloopDat leek me een prima plan, en zo gezegd, zo gedaan.

Tot km 10 verliep alles vlekkeloos, maar toen hadden we de poppen aan het dansen!

Want wat zag mijn lodderig oog?

Het wereldberoemde Bois de Boulogne! Al dat groen! Die bomen, dat prachtige panorama! En dan die honderden, neen, duizenden lopers. Runners’ paradise!

Aanvankelijk hield ik mezelf nog voor: denk aan wat Kathelijne gezegd heeft! Langs de Seine lopen, de Seine rechts houden, en na 12,5 km, omkeren!

Maaja. “De geest is gewillig, maar het vlees zwak“, zo lazen wij reeds in Mattheüs, hoofdstuk 26, verzen 40-41. M’n verbeelding sloeg op hol. In de 14de eeuw, tijdens de Honderdjarige Oorlog, was het Bois de Boulogne bijzonder onveilig, een echt toevluchtsoord voor dieven en gespuis, tot het bos uiteindelijk helemaal kaal geplunderd werd.

Later werd het park opnieuw bebost, er werd weer wild gekweekt, en het bos werd een plekje voor leuke feestjes. Jip, het Bois de Boulogne mag je eigenlijk niet missen. Voor de bomenliefhebbers onder ons: je ziet er eiken, kersenbomen, johannesbroodbomen, beuken, cederbomen, kastanjebomen, en dies meer. Je vindt er ook een rosarium, een dierentuin, een camping, een paardenrenbaan, en uiteraard, de tennisbanen van Roland Garros.

Kortom, wat dachten wij, aldus? “Komkom, één lusje in Bois de Boulogne, daar kunnen we ons toch geen buil aan vallen?”. En twéé lusjes, dat valt ook nog te overzien, maar dan, om terug aan de Seine te geraken, exact dezelfde weg terug, dat is toch ook maar saai, en zo liepen wij – op het gevoel – terug naar de Seine. In de praktijk: konten verkeerd, en zo liepen wij gezwind naar een ander uiteinde van het Bois de Boulogne, in plaats van naar de Seine. Vijf kilometer extra op de teller, en zo werd deze training alsnog – onbedoeld – een dertiger 🙂

En nu kunnen we aftellen naar Enschede. Nog een weekje of twee.

Hooggespannen zijn de verwachtingen niet: veel te weinig getraind, zowel qua volume als qua intensiteit. Enschede wordt dus noodgedwongen een veredelde training van 42 km, als we onderweg niet al te veel verkeerd lopen 🙂 Het belangrijkste is dat we up & running zijn, natuurlijk: misschien kunnen we na Enschede – bij leven en welzijn – naar een snedige najaarsmarathon toewerken!

Met sportieve groeten, en een fijne werkweek voor iedereen!

Peter

Advertenties