Oostende

Beste lezers,

Onlangs ging ik hardlopen in Tokyo.

DSC_1147Daar was ik om den brode, en tijdens een ganse week, kon ik welgeteld één keer trainen.

Eén keer!

Waar is Amnesty International, als je ze nodig hebt?

Enfin, niet getreurd, toen wij terug in het land waren stond er een weekendje Bilzen op het programma.

Naast quality-time met Kathelijne en Quint, mocht ik een pittige training afwerken van 18 km, met 10 maal één km aan 4:20 min/km, en daar ben ik vermoedelijk toch iets té enthousiast aan begonnen, en m’n rechterkuit begon te zeuren.

IMG_20191222_144053_135Een verstandige hardloper denkt dan “Ola Pola”, en hij of zij houdt vervolgens de training voor bekeken, en hij of zij vermijdt aldus verdere schade.

Deze pipo, daarentegen, trainde gewoon verder, want de pijn was te harden, en ik dacht aan de Belgische Staatsschuld: die is er vanzelf gekomen, en wie de federale regeringsvorming een beetje volgt weet wat de algemene denkwijze is: die staatsschuld zal ook wel vanzelf verdwijnen, en zo zal Guy Mathot nog gelijk krijgen ook!

De dag erna heb ik me toch wel gesakkerd en gevloekt: “Verdikkeme, verdikkeme, m’n rechterkuit doet pijn”, zei ik tegen Kathelijne. Waarop Kathelijne zei: “Je was beter gestopt, toen je last kreeg aan je kuit”.

Juist. Nu ja, het was niet m’n eerste, en vermoedelijk ook niet m’n laatste blessure, en aldus trokken wij monter en gezwind naar Oostende voor een deugddoende, verkwikkende revalidatie.

IMG_20191228_133444_929Eerst kalm aan, ocharme 3 kilometer, aan een tempo dat wij hier niet wensen te vermelden, en de dag erna 5 kilometer, eveneens, à l’aise, en toen toch nog eens 8 kilometer.

En zo kwam het dat wij tijdens het hardlopen véél tijd hadden om na te denken.

“Wat is Oostende toch een mooie stad”, bedacht ik me.

Toen begon het me te dagen dat ik zo goed als niets wist over de geschiedenis van de Koningin der Badsteden!

Die leemte in onze kennis wilden wij graag zo spoedig mogelijk plamuren, en daar nemen wij de lezers graag in mee!

OostendeVoor de lezers boven de Moerdijk, plamuren betekent:

“Gaten en scheuren in een muur opvullen met vulmiddel waardoor een glad oppervlak ontstaat”.

Enfin, waar waren we gebleven? Bij de geschiedenis van Oostende!

De lezers zullen het misschien niet willen geloven, maar reeds in de 9de eeuw was Oostende bewoond!

Wisten jullie dat? Nou, ik niet. Een klein groepje vissers leidde destijds een eenvoudig bestaan in deze kleine nederzetting, op het oostelijke uiteinde (“Oostende”!) van het eiland Testerep.

Oostende bevond zich tijdens die 9de eeuw in een volkomen desolaat landschap, maar precies omdàt het er zo rustig en vredig was, passeerden er vaak fietsers, wandelaars, en hardlopers. De vissers van Oostende prezen met veel enthousiasme hun vers gevangen garnalen aan, en met enige flair voor commerce zeiden zij tegen passanten dat er desgewenst, voor slechts 28 euro per persoon, ook een tomaatje, enkele blaadjes sla, en vers gesneden frietjes bij de garnaaltjes konden geserveerd worden.

Maar zoveel geluk, dat kon niet blijven duren, en omstreeks het jaar 1000, werd het eiland Testerep volledig overspoeld, omwille van de opwarming van het klimaat. Een slimmerik stelde voor om Oostende dan maar opnieuw op te bouwen, meer landwinwaarts.

Helaas pindakaas! Dat mocht niet baten. In de veertiende eeuw was het klimaat NOG verder opgewarmd, en in het jaar des Heren 1334 werd een hevige stormvloed de stad fataal, heel de stad stond onder water, en de Oostendenaren konden opnieuw beginnen!

Er werd opnieuw meer landinwaarts getrokken, en in 1445 gaf Filips de Goede z’n toestemming om een haven aan te leggen in Oostende. Maar, de lezers zullen het niet geloven, en zij zullen denken dat ik ermee aan het lachen ben, nog geen twee jaar later (in 1447) werd de stad opnieuw overstroomd, met haven en al!

Oostende en z’n haven, naar de genoux! Voor de lezers van boven de Moerdijk, “naar de genoux”, dat betekent: “kapot, naar de vaantjes, naar de kloten”.

Dat zijn mijn lelijke woorden niet, dat staat zo in het Vlaamse Woordenboek.

Enfin, de Oostendenaren waren het ondertussen zo beu als koude pap dat ze hun stad om de vijf voet moesten heropbouwen, en toen stelde een slimmerik voor om maar ineens 60 kilometer landinwaarts te verkassen.

Strak plan, maar daar lag Gent al.

In de vijftiende eeuw werd Oostende niet overspoeld door stormvloeden, en de Oostendenaren waren natuurlijk monter en blij, zij moesten – voor één keertje – hun stad niet heropbouwen.

Nou dat viel dan knap tegen, want in 1489 werd Oostende geplunderd en volledig in de as gelegd door het leger van Maximiliaan I van Oostenrijk. Dat vonden de Oostendaren niet prettig, maar niet getreurd, de stad werd weer opnieuw opgebouwd.

Gedurende lange tijd bleef Oostende een protestants bolwerk in de katholieke Spaanse Nederlanden, en toen, de lezers zullen het nooit raden, kwam er een drie jaar durend beleg, en alzo werd Oostende opnieuw totaal verwoest.

Geen huis stond nog recht.

Oostende werd – nogmaals – heropgebouwd, en in de 17de eeuw ging er een scheepvaartmaatschappij van start, de internationale handel zorgde voor een nooit gezien groei en bloei van de stad.

Tijdens de Franse periode was er een nieuwe tegenvaller: Napoleon Bonaparte vond het “Continentaal stelsel” uit, een maatregel waarme alle handel tussen het Europese continent en Groot-Brittannië verboden werd. Dat kwam omdat Groot-Brittanie de Europese Unie wou verlaten zonder eerst netjes zijn schulden af te betalen, en daar was Napoleon niet mee gediend. Deze economische blokkade was natuurlijk nefast voor de Nederlanden, en voor Oostende in het bijzonder.

Et voilà. Na al dat buitenlands geweld, kon “België” eindelijk op eigen benen staan, en Oostende groeide en bloeide als nooit te voren, Oostende werd zowaar een mondaine badplaats met wereldfaam. Het Kursaal, de Koninklijke Gaanderijen, het Leopoldpark, de Wellingtonrenbaan, het straalde allemaal het grootse karakter van Oostende uit.

Zo. En toen kwamen er helaas twee Wereldoorlogen, de lezers kunnen er ondertussen hun horloge op gelijk zetten: Oostende werd zo goed als volledig verwoest in 1940-1945 door de bommen van de Geallieerden op de Atlantikwall, de havens en de spoorwegen.

In de naoorlogse periode gebeurde er ook nog vanalles, de stad werd niet meer verwoest, maar Johan Vande Lanotte begon zich te moeien met de gang van zaken in Oostende en volgens sommigen was dat even erg. Daar doen wij zelf geen uitspraken over, want dit is een politiek geheel neutrale blog.

Zo groeide Oostende uit tot een bijzonder mooie stad, waar elk jaar méér dan 1 miljoen overnachtingen geboekt worden door toeristen.

IMG_20191229_124452_555Allez hup, na dit brokje geschiedenis, terug naar de loopsport.

Na enkele voorzichtige revalidatietrainingen, konden wij terug aan de slag, een training van 10 km verliep vlot, en zo geraakten wij langzaam weer op dreef.

Het leed is nog niet geleden, maar de blessure is pakweg 90% genezen, dat is al heel wat.

Het is een natuurwet die menig hardlopers aan den lijve mag ondervinden, een blessure geneest nooit zo snel als je zou willen.

Geduld is een schone deugd.

IMG_20191230_161318_051Vandaag stond er een training van 12 km op het programma, en de eerste 5 km deed ik wat sneller, en ik voelde gelijk dat dat niet verstandig was.

Voor één keer luisterde ik dit keer wél eens naar m’n lichaam, en de rest van de training verliep à l’aise.

Wél heel fijn, naast Kathelijne hadden wij vandaag nog een fantastische supporter bij: ons Quintje.

11 kilometer lang keek hij enthousiast rond, en hij kraaide van plezier, en onvermijdelijk, op kilometer 12 kwam hij de man met de hamer tegen! 🙂

Zo. Dan wensen wij ALLE lezers een héél fijn eindejaar toe, en alvast een heel aangenaam en sportief 2020! Zonder blessureleed! 🙂

Met sportieve groeten,

Peter

Advertenties